04 mei 2026

Sylvie embridge be

Sylvie Baert

2 minuten

Waarom snoei je beter niet tijdens het broedseizoen?

Natuur & Biodiversiteit

Snoeien tijdens het broedseizoen

Tijdens het broedseizoen zijn vogels en andere dieren extra kwetsbaar. Snoeien of kappen kan leiden tot verstoring van nesten, verlies van jongen en aantasting van leefgebieden. Daarom is het aangeraden om deze werken tijdelijk uit te stellen of zeer voorzichtig uit te voeren.

Wat is de schoontijd?

De schoontijd is een periode waarin er in bossen bij voorkeur niet gewerkt wordt. Standaard loopt die van 1 april tot 30 juni, al kan ze afhankelijk van de situatie en de aanwezige soorten worden aangepast. Het doel is om broedende vogels en andere kwetsbare natuur zo weinig mogelijk te verstoren.
Tijdens deze maanden zijn veel vogels druk bezig met het bouwen van nesten, het leggen van eieren en het grootbrengen van hun jongen. Ingrepen kunnen dan leiden tot verstoring, nestverlating of het verlies van jongen. Door niet te werken tijdens de schoontijd, is het mogelijk om naast vogels ook andere beschermde diersoorten, de bodem en kwetsbare vegetatie te ontzien.

Schoontijd: niet alleen in bossen

Hoewel de schoontijd oorspronkelijk uit het bosbeheer komt, wordt het principe ook toegepast op bomen, hagen en andere groenelementen buiten het bos. Ook daar broeden vogels. Hagen, struiken en bomen vormen belangrijke nestplaatsen in (bedrijfs)tuinen, parken en langs wegen.


Het broedseizoen start in het voorjaar en loopt door tot aan de zomer. Daarom geldt als praktische richtlijn om snoeiwerken bij voorkeur vóór april uit te voeren of in augustus voor een zomersnoei. Tijdens de schoontijd zijn nesten vaak moeilijk zichtbaar en extra kwetsbaar. Dat betekent niet dat er nooit iets mag gebeuren, maar voorzichtigheid is essentieel. Wie toch werken uitvoert of laat uitvoeren, controleert best eerst grondig op aanwezige nesten en stelt de werkzaamheden uit wanneer er gebroed wordt, zodat verstoring van fauna en aantasting van leefgebieden beperkt blijft.

Gefaseerd snoeien beschermt biodiversiteit

Ook buiten het broedseizoen loont het om doordacht te snoeien. Werk bij voorkeur gefaseerd. Een goede vuistregel is om per snoei‑ of afzetbeurt slechts een derde van een haag, struweel of houtkant te behandelen. Het jaar (of de jaren) daarop snoei je een volgend deel, en nadien het laatste stuk. Zo blijft er altijd voldoende structuur aanwezig.
Deze gefaseerde aanpak is niet alleen van belang voor vogels. Takken, bladeren en stengels vormen het leefgebied van tal van ongewervelden. In één keer alles verwijderen betekent dat je ook eitjes, larven en overwinterende insecten wegneemt. Door slechts een deel te snoeien, blijven er altijd voedselbronnen en schuilplaatsen beschikbaar voor insecten, vogels en andere dieren.

Vermijd snoeien tijdens bloei en vruchtzetting

Ook snoeien tijdens de bloei of vruchtzetting vermijd je best. Nectar en stuifmeel, en later ook bessen, noten en zaden, vormen belangrijke voedselbronnen voor insecten, vogels en andere soorten. Door telkens een deel van de begroeiing te laten staan, blijft er continu voedsel beschikbaar.
Door gefaseerd en doordacht te werken, bescherm je dus niet alleen de biodiversiteit, maar behoud je ook een groener en aantrekkelijker tuin‑ of landschapsbeeld. Het resultaat is een duidelijke win‑win‑win: meer natuur, meer beleving en een duurzamer beheer.

Advies op maat voor ecologisch beheer

Voor verder advies over de juiste soorten, beheer of ecologische inrichting kan je contact opnemen met het Embridge team biodiversiteit.